Zuid-Amerika

Zuid-Amerika 2015-2016

Uruguay
Na een hectische periode van 5 maanden; veel werken, Spaanse les en het nodige “fysieke onderhoud”, zijn we 3 september weer vertrokken voor de volgende etappe van onze reis door Zuid Amerika. Voor de eerste keer vlogen we met KLM en dachten we dat de voertaal wel Nederlands zou zijn in het vliegtuig. We waren echter samen met de stewardessen de enigste Nederlanders aan boord. We vlogen via Sao Paulo naar Montevideo en het vliegtuig zat dus vol met Brazilianen. We zijn twee nachtjes in Montevideo gebleven en zijn toen met de bus richting Artilleros gereisd. Op de kruising werden we opgehaald door Danny en waren we weer herenigd met “de King”. Danny en Fabiana verrasten ons ‘s avonds op een BBQ. Wij hadden nog de nodige Argentijnse wijn in de camper dus werd het een gezellig avondje.

De volgende dag begonnen met alles in te ruimen en reisklaar te maken.  Bij controle bleek een dieseltank te lekken dus hebben we deze overgepompt in een andere tank. Een puntlas van de tank bleek los te zijn en te lekken. Tijdens het overpompen liep de pomp ook nog vast en deze ook nog even gerepareerd. Uiteindelijk zijn we na drie gezellige dagen vertrokken. Bij de eerste de beste bandenhandelaar de banden even op de juiste spanning laten brengen en dan word je al weer direct geconfronteerd met de hartelijke gastvrijheid van de mensen hier. Onderweg nog wat inkopen gedaan bij een grote supermarkt en verder gereden richting Punta del Este.

In Montevideo kwamen we echter langs een mooie parking aan de Atlantische oceaan en vonden het wel welletjes voor de eerste dag. “De King” geparkeerd en direct hadden we al de nodige aanloop van geïnteresseerde mensen. Het Spaans gaat ons al wat beter af, maar er moet nog veel bijgeleerd worden.  Hier zagen we ook dat er water lekte aan de voorkant van het motorblok. Bij een eerste inspectie was duidelijk dat het waarschijnlijk niet om een slang ging dus de volgende morgen na water te hebben bijgevuld naar een Mercedes garage gereden. Na een hele dag wachten en een inspectie van slechts twee minuten konden ze ons vertellen dat de waterpomp kapot was. Deze was hier niet verkrijgbaar en moest in Duitsland besteld worden. De levering zou 15 tot 20 dagen gaan duren. Nog even wat discussie over “Mercedes Benz Assistens” en DHL, maar het kon echt niet sneller. Helaas hadden we weinig keus dus de pomp laten bestellen. Na een aanbetaling te hebben gedaan zijn we weer terug gereden naar de parking waar we met uitzicht op zee redelijk rustig stonden.

We stonden vlak achter een activiteiten centrum waar regelmatig wat te doen was. Zo hebben we kunnen genieten van een tattoo en bodypainting beurs, van kickbox wedstrijden tussen Argentinië en Uruguay, van discoavonden/nachten, van bruiloften en allerlei andere beurzen. Hier hebben we ook veel leuke en behulpzame mensen ontmoet. Een ervan was Pedro Lorenzotti  die ook erg goed Engels sprak. Hij komt uit Montevideo en had 25 jaar bij Aerospace in de USA gewerkt en was nu gepensioneerd. Hij wandelde bij goed weer iedere morgen zijn rondje en was erg geïnteresseerd in ons. Hij bood op allerlei manieren zijn diensten aan en zo hadden we ineens de beschikbaarheid over een privé tolk. Hij is samen met Ton na 2 weken naar de garage geweest om te informeren hoe de stand van zaken was. De pomp bleek al op het vliegveld te liggen maar door de bureaucratische rompslomp zou het nog wel 2 dagen duren alvorens deze opgehaald kon worden. Er werd een afspraak gemaakt in de garage voor maandagmorgen 9.00 uur. Op maandagmorgen natuurlijk op tijd naar de garage en na het plaatsen van de nodige handtekeningen is men begonnen met het vervangen van de waterpomp. Laat in de middag was de reparatie uitgevoerd en zijn we voor nog een nachtje terug gereden naar ons plaatsje om de dag erop vanuit Montevideo naar Punta del Este te vertrekken.

Ons oponthoud door de kapotte waterpomp had dus drie weken geduurd. Gedurende deze periode hebben we met de camper op een mooie plaats in de stad gestaan. Menigeen brengt zijn vakantie zo door maar voor zeer ongedurige mensen zoals wij, die telkens weer op zoek gaan naar nieuw avontuur was het een zware opgave. We hadden ook nog de pech dat we de tweede week zeer slecht weer hadden waardoor we niet veel hebben kunnen ondernemen. Door kou, storm, regen en hagel bleef er weinig anders over dan ons in de camper of in een groot Shopping Centre te verschuilen. We zijn twee keer met de bus naar een grote zondagsmarkt in het centrum van Montevideo geweest. Tijdens de busrit door de stad stapten telkens muzikanten in en uit die onderweg wat muziek maakten en daarna even met de pet rond gingen. De markt was een zeer aangename afwisseling van de voor ons “dagelijkse sleur”.  Naast de markt waren de trucks waarmee de spullen werden aangevoerd voor ons een nog mooiere bezienswaardigheid.

We hebben ook nog bezoek gehad van Jan en Anneke uit de Bilt. Deze hadden hun auto ook bij Danny en Fabiana geparkeerd. We kenden elkaar alleen van de mail en het was leuk om elkaar in levende lijve te zien. We hebben er samen een leuk weekend van gemaakt! Verder hebben we drie weken lang de gezinsuitbreiding van een kieviten paar op de voet kunnen volgen. Het broeden van de vier eieren op een grasveldje naast de camper, het uitkomen van de vier eitjes en de eerste stapjes van de kievitkuikens. Daarna het opgroeien en vooral het beschermen van de kuikentjes tegen andere vogels, honden, katten en mensen. Het was een prachtig schouwspel.  Ook hebben we gedurende deze drie weken de verschillen tussen arm en rijk in een grote stad mogen ervaren. Arm en rijk leeft letterlijk naast elkaar. De een rijd in een dure auto, loopt in  merkkleding rond en doet zijn inkopen in een chic winkelcentrum. De ander loopt met kapotte vuile kleren rond en struint de vuilniscontainers af voor bruikbare en eetbare spullen.

Vanuit Montevideo zijn we langs de kust naar Punta del Este gereden. In Punta del Este staan diverse kunstwerken waarvan los Dedos ( de vingers in het zand) van de Chileen Mario Irrarazabal de beroemdste is. Natuurlijk even gestopt om deze vingers op de foto te zetten. Verder hebben we ons verbaasd over de rijkdom en luxe in deze grote badplaats. Omdat we voorlopig even genoeg hadden van grote plaatsen zijn we doorgereden naar Jose Ignacio en hebben hier bij de vuurtoren overnacht.  Het was ooit een zeer klein vissersdorpje maar nadat beroemdheden als Shakira hier een huis lieten bouwen kwamen meerdere rijken hier naar toe. Het is nog steeds een klein plaatsje maar nu met een grote buitenwijk waar vele zeer grote en luxe villa’s staan. Wat ons er ook nog op viel is dat er bijna net zoveel makelaars kantoren als villa’s stonden!

De ochtend erop doorgereden naar Cabo Polonia. Dit is een klein vissersdorpje wat helemaal achter de hoge duinen verscholen ligt. Het is beschermd natuurgebied en je mag er niet met eigen vervoer naar toe. We moesten er dus heen met een 6X6 safari truck uit de eerste wereldoorlog. De tocht door de duinen was spectaculair al werd het misschien een beetje versterkt doordat er een complete schoolklas bij ons op de truck zat te schreeuwen! Het liefst hadden we natuurlijk met “de King” door de duinen en over het strand gereden. Je zou hier tussen de zeeleeuwen op de rotsen kunnen lopen, maar helaas bleek dit ook verleden tijd. We hebben wel de zeeleeuwen zien zwemmen en op de rotsen zien liggen. Verder was het een mooi vissersdorpje waar nog maar weinig echte vissers woonden. Met de verhuur van de vissershuisjes valt meer te verdienen!

Onze laatste stop in Uruguay was het nationaal park Santa Teresa. Hier hebben we heerlijk rond gewandeld en hebben  veel dieren gezien zoals axisherten, rheas, peccarivarkens en capybara’s. Ook liepen er nog landschildpadden rond en zwommen er waterschildpadden in de poelen rond. Terug bij de camper werden we nog verrast door 2 wasberen. Dit zijn alleseters en klimmen ook vaak in bomen om er fruit uit te halen. Ze zoeken hun eten ook regelmatig in vuilnisbakken. Zo haalden ze bij de buren het BBQ vlees uit een krat die buiten langs de tent stond. De Oostkust van Uruguay heeft ons positief verrast. Deze is erg mooi en afwissend qua natuur en er is voldoende te zien en te ondernemen.

Brazilië
In het grensplaatsje Chui na het uitstempelen en het inleveren van de tijdelijke invoerpapieren van de camper en de motor direct even getankt. Na de dure dieselprijs in Uruguay van $1.44 is het feest begonnen met $0.73 per liter. Daarna naar de douane en immigratie van Brazilië 3 kilometer verder. Deze keer kregen we geen tijdelijk invoerpapieren voor de auto en de motor maar alleen een stempel in het paspoort. We kunnen 3 maanden in Brazilië blijven en indien nodig ons verblijf nog met 3 maanden verlengen. Wil je langer blijven, dan heb je een visum nodig. In tegenstelling tot andere info was er ook geen controle op levensmiddelen, dus hadden we ook niet alles hoeven te verstoppen.  De eerste 100 kilometer waren erg saai. Daarna reden we 30 kilometer door wetlands waar we overal capybara’s zagen liggen en lopen en zelfs otters zagen. Daarnaast ook nog ontzettend veel soorten vogels. De rest van de rit naar Rio Grande was weer erg eentonig.

In Rio Grande bij de eerste de beste supermarkt gestopt en eerst flink ingekocht. Hier ging ons feestje verder want alles is ontzettend goedkoop.  Vervolgens dwars door de oude stad naar de veerboot naar Sao Jose do Norte. De stad staat vol met prachtige oude panden die helaas erg verwaarloosd of onbewoonbaar zijn. Bij de veerboot aangekomen moesten we achter een rij vrachtwagens aansluiten. De veerboot die om 16.00 uur vertrok zat vol en we moesten dus wachten op de volgende veerboot. Om 16.30 uur kwam men ons vertellen dat de veerboot niet meer zou varen vandaag omdat deze niet vol zat. De volgende boot zou de volgende ochtend om 6.30 uur pas weer vertrekken.  We mochten de camper op het afgesloten en bewaakte haventerrein parkeren om daar te slapen. Hier waren we blij mee want we stonden in een niet al te veilige straat/buurt geparkeerd.  We hoorden veel muziek van de straat komen en Ton ging ‘s avonds nog een verkenningsrondje in de buurt maken om te kijken wat er allemaal te beleven was. Eerst dacht hij in een Braziliaans straatcarnaval terecht te zijn gekomen, zoveel vrouwen liepen er schaars gekleed rond. Er waren veel havencafés  en de nodige etablissementen met dames van plezier. Ton werd ook enkele malen uitgenodigd om binnen te komen en de schaars geklede borsten werden geheel ontbloot om hem duidelijk te maken wat er te doen was. Hij heeft er wijselijk van afgezien maar kwam wel erg opgewekt terug. Belangrijkste conclusie van hem: Ze waren mooi en hadden allemaal cup FFFFFFFFFF!

De volgende morgen vroeg op zodat we om half 7 de veerboot op konden rijden. Deze werd tot op de centimeter vol gezet met auto’s en vrachtwagens alvorens hij vertrok. In Soa Jose do Norte stond het water op de kade en moesten we door het water de veerboot afrijden. Het schiereiland is erg dun bevolkt. Af en toe rijd je door kleine dorpjes waar de mensen wonen in een soort tuinhuisje aan onverharde straten. De wegen naar de stranden waren erg slecht en erg nat. Mostardas was het eerste grotere dorpje wat we tegen kwamen. Hier wat rond gekeken. Het historische centrum bestond uit een straatje waarvan de helft van de gebouwen alleen uit een voorpui bestond. Hier vonden we geen goede overnachtingsplaats  en daarom door gereden door het National Park Da Lagoa Do Peixe naar Mostardas Balneario.

De rit erheen ging eerst door de bossen en later door een wetland waar we ook vaak kleine riviertjes moesten doorkruisen. Uiteindelijk nog een stuk door de duinen en toen kwamen we aan zee. Direct heel veel bekijks van de mensen uit het dorpje. Later kwam er een man uit het dorpscafé even een praatje maken en vragen of hij een paar foto’s mocht maken. Wij waren de tweede overlandtruck  die hij gezien had. Na even zoeken op zijn Iphone liet hij ons de foto’s en het filmpje van de andere truck zien. Het bleek de MAN-CAT te zijn van Jan en Clair Roos. Jan en Clair hebben we een paar keer ontmoet op een overlandtreffen in Nederland. Zo zie je maar weer hoe klein de wereld is.

Na twee heerlijke zonnige dagen in Mostardas Balneario zijn we weer vertrokken. Inmiddels kende het hele dorpje ons en werden we door de nodige mensen  uitgezwaaid. Na het zandpad door de duinen en de bossen kwamen we weer op de erg slechte hoofd weg. Deze weg wordt hier de Estrada do Inferno (de weg naar de hel) genoemd. Wij vonden het wat overdreven, maar in de loop der jaren zal deze ook wel verbeterd zijn! Na Porto Alegre werd de kust erg toeristisch. Bijna de gehele kust staat volgebouwd met hotels, resorts en grote waterpretparken. Toeristen zijn er nog niet, want blijkbaar zijn we een maandje te vroeg voor het mooie weer en het daaraan gekoppelde toeristenseizoen. Uiteindelijk kwamen we in de badplaats Torres uit. Het was een erg drukke chique badplaats waar we aan het strand geen mogelijkheden vonden om te overnachten. Omdat we een paar campers hadden gezien op de camping die we vlak voor Torres voorbij waren gereden zijn we daar heen gegaan. Helaas bleken deze campers hier het hele jaar te staan dus waren wij de enigste gasten. Nadat we waren verwelkomt door een aardig oud baasje hebben we direct maar gebruik gemaakt van alle faciliteiten van een camping. Alle was gedaan, de watertank bijgevuld, de toilettank schoon gemaakt en natuurlijk zelf een grote wasbeurt genomen!

Na een nachtje weer vertrokken op zoek naar een leuke vrije plaats. De campings hebben voor ons weinig te bieden. Direct buiten Torres kwamen we op de autosnelweg. Bij het eerste de beste tankstation met restaurant even gestopt om te kijken of we gebruik konden maken van wifi. Er was inderdaad wifi en we kregen ook het wachtwoord. Na even wat mailtjes te hebben gestuurd en de website te hebben bijgewerkt weer vertrokken. Na een honderd kilometer konden we weer van de autobaan af om via een kustweg naar Cabo Farol Santa Marta te rijden. In dit dorp staat de twee na hoogste vuurtoren van de Amerikaanse continenten en hij is steen voor steen in 1891 vanuit Schotland naar hier gebracht. Hier een plaatsje gevonden achter het strand midden tussen de vissers bootshuizen. Hier stonden we een beetje beschermd tegen de harde wind. In de bootshuizen werd de schade aan de boten hersteld en de netten geboet. Na een wandeling door het dorpje in de plaatselijke kroeg een biertje gedronken. Veel mannen zaten te kaarten in het kroegje.

Na een stormachtige nacht weer vertrokken. Met een veerboot het lagoa Santo Antonio overgestoken naar Laguna. Hier aan de oever van het Lagoa geparkeerd. We zagen regelmatig dolfijnen zwemmen. Ook werd er door de lokale vissers met werpnetten gevist. Deze liepen een eind het water in en zodra er een dolfijn in de buurt kwam werden de netten gegooid. De dolfijnen joegen de vis op en deze werden dus een prooi voor de vissers. Het was een mooi samenspel tussen de dolfijnen en de vissers wat we in verband met de constante regen vanuit de camper konden volgen. Hier hebben we 3 dagen doorgebracht en zijn in de schaarse droge uurtjes ook nog een keer naar het historische centrum gefietst.

Na de regen drie dagen getrotseerd te hebben zijn we vertrokken naar Gapobara, een leuk vissersdorpje waar i.v.m. een lang weekend veel Braziliaanse toeristen waren. We konden de King aan de boulevard parkeren en hadden dus een prachtig uitzicht op de baai met de vissersbootjes. Elke morgen zagen we de vissers met hun vangst terug komen. De vis werd direct aan het strand gefileerd en verkocht. De vele meeuwen en gieren zorgden dat het strand schoon bleef door zich tegoed te doen aan het visafval. We werden de gehele dag veelvuldig gefotografeerd en aangesproken in alle talen. Als duidelijk werd dat we ook Duits spraken ging de conversatie vaak in het Duits verder. Hier in het zuiden wonen namelijk veel nazaten van Duitse emigranten en die spreken soms nog redelijk Duits. We werden door Karl Heinz en Mayra uitgenodigd voor een Churrasca (de Braziliaanse variant op de Parilla). We hebben een geweldig leuke avond gehad met heerlijk vlees, bier en Caipirinha’s (een Braziliaanse cocktail) . Communiceren konden we met Karl Heinz in het Duits en met zijn zoon Murello en zijn vriendin Allessandra in het Engels. Na een heerlijk lang weekend met wel weer regelmatig veel regen zijn we weer vertrokken.

De volgende bestemming was het eiland Santa Catharina. Dit eiland is in Florianopolis door een brug met het vaste land verbonden. Het eiland is erg toeristisch en staat bekend vanwege de mooie stranden en de vele surfmogelijkheden. In Barra de Lagoa hebben we het Tamar project bezocht. Dit is een organisatie die zich inzet  voor het behoud van de zeeschildpadden. Er waren een vijftal schildpadden te zien die in kleine bassins rondzwommen. We vonden wat er te zien was en de manier waarop erg tegen vallen maar we gaan er van uit dat ze veel en goed werk verrichten!

We konden de camper hier nergens parkeren en hebben in het noorden toch een rustig plekje kunnen vinden aan het Praia do Mozambique. Dit lag in het Reserva Florestal do Rio Vermelho, een prachtig pijnbomenbos. Het weer was zoals de voorgaande dagen weer vreselijk  slecht en nadat het de hele nacht had geregend en zeer hard geonweerd zijn we ‘s morgens weer vertrokken. Het pad was een grote rivier geworden en ondertussen is de King aan de onderkant ook wel weer zoutvrij! In Lagoa aan het Lagoa da Conceicao, een zout binnenmeer, een leuk plaatsje vlak bij het centrum gevonden. Het weer was eindelijk wat beter dus hebben we kunnen genieten van onze eerste avond buiten met een BBQ.

De volgende ochtend besloten om verder naar het zuiden te rijden en op zoek te gaan naar rustiger oorden! In Pantano do sul met een mooi uitzicht op zee tussen de buien door af en toe lekker kunnen genieten van het voorjaarszonnetje. Zoals door de dorpelingen al was aangegeven eindigde de dag weer met veel regen en onweer, soms zelfs met grote hagelstenen. ‘s Avonds de gehele avond kunnen genieten van een prachtig schouwspel van de bliksemflitsen boven zee en de eilanden. ‘s Morgens werden we weer wakker in een groot zwembad met duistere wolken boven ons. Weer tijd om te vertrekken dus!

In de stromende regen over de autobaan naar Porto Belo gereden en weer een mooi plekje aan zee gevonden. Ook hier weer continu regen en onweersbuien. De aggregaat draait ondertussen overuren want de zonnepanelen kunnen zonder zon hun werk niet meer voldoende uitvoeren! Na weer een dag van regen en alleen maar slechte weersvooruitzichten aan de kust  besloten om de reisroute om te gooien. Waren we voornemens om via Sao Paulo en Rio de Janeiro naar Salvador te rijden en van daaruit via Brasilia richting Pantanal; nu gaan we via Foz de Iguazu richting Pantanal.

Onderweg eerst nog even een stop gemaakt in Blumenau , een zeer “Duitse stad”, waar de oktoberfeesten waren. Deze oktoberfeesten worden elk jaar door meer dan een half miljoen Brazilianen bezocht. We zagen veel feestgangers in lederhosen en dirndljurken en aangezien we die niet hadden maar snel doorgereden. Ze waren wel overal te koop, maar onze maat hadden ze gelukkig niet! In Pomerode, ook een stadje met van origine Duitse emigranten een leuke plaats om te overnachten gevonden. Alles is hier Duits georiënteerd, de vakwerkhuizen, de straatnamen en de namen van cafe’s en restaurants. In kneipe Schornstein hebben we ook het “oktoberfest” mee kunnen vieren. Er werden lustig biertjes en underbergjes gedronken en de stemming zat er goed in met ook alweer Duitse muziek. Iedereen was erg ingenomen met gasten uit Holland en we werden als speciale gasten ook alweer direct voorzien van verenigingsshirts en we kregen vrijkaarten voor Villa Germanica in Blumenau. Ook werden we verschillende keren uitgenodigd om in Juni 2016 als speciale gasten deel te nemen aan de grootste Stamtisch van de wereld. Helaas moeten we dan weer werken dus hebben we deze uitnodiging moeten slaan!

De volgende dag getwijfeld om weer verder te gaan maar uiteindelijk hebben we de Duitse streek achter ons gelaten en zijn we verder door een prachtige bosrijke omgeving richting Foz do Iguacu gereden. De heuveltjes werden bergjes en de temperatuur werd langzaam warmer. Na twee dagen rijden en overnachten bij tankstations kwamen we aan in een zeer warm Foz do Iguacu. De middagtemperatuur was maar liefst 42 graden en daarvoor waren we dus richting het binnenland gereden. In verband met deze warmte een goede camping opgezocht met een zwembad en 220 volt elektra zodat we de airco aan konden zetten. Camping Paudimar ligt op 5 km van de ingang van de watervallen en een 10 km buiten het centrum van Iguazu.

Na een wasdag zijn we met de motor de omgeving maar eens gaan bekennen en hebben er een vogelpark bezocht. Parque des Aves heeft als doelstelling om bedreigde vogelsoorten op te vangen en te fokken om deze weer uit te zetten in hun natuurlijke omgeving. We konden door de grote kooien heen wandelen waar de vogels af en toe over je hoofd heen scheerden.Vanuit de camping werd ook vervoer geregeld naar de Argentijnse kant van de watervallen. Om alle gedoe aan de grens te voorkomen hier mooi gebruik van gemaakt. De watervallen waren indrukwekkend, overweldigend en erg mooi! Het water van de rio Iguazu stort ongeveer 80 meter naar beneden in ruim 250 onderling met elkaar verbonden watervallen en hij is in het totaal 3 kilometer breed. Buiten de prachtige watervallen ook wasberen, kapucijneraapjes en leguanen gezien.

Na een dagje van relaxen aan het zwembad zijn we naar de Braziliaanse kant van de watervallen gegaan. Je wandelt door een Atlantisch bos, wat beschermd natuurgebied is omdat er niet meer zo veel van zijn. Vroeger was de gehele kust van Brazilië tot ver in het binnenland bedekt met deze bossen. Alvorens de watervallen te voet te gaan bekijken moest er eerst voldaan worden aan een lang gekoesterde wens van Ton. Vliegen met een helikopter en als je dat dan toch wilt vliegen wat is er dan mooier dan dit te doen met uitzicht op de watervallen. De vlucht was een geweldige ervaring en het zien van de watervallen vanuit de lucht was prachtig. Daarna te voet verder en het was wederom erg indrukwekkend. Vanuit Brazilië heb je een heel mooi zicht op de watervallen en dan zie je eigenlijk pas hoe breed ze werkelijk zijn en van hoe hoog het water naar beneden stort. Men zegt hier ook wel dat de Argentinië de watervallen heeft maar Brazilië het uitzicht. Bij de Garganta Diablo (de duivels keel) konden we op een board walk erg dichtbij komen wat betekende dat we dus ook drijfnat werden. Nat maar voldaan het bezoek aan de watervallen afgesloten met een groot BBQ buffet.

De dag erop zijn we een bezoekje aan de Itaipu dam gaan brengen welke letterlijk en figuurlijk in het water viel. De waterkrachtcentrale voorziet Paraguay voor 80%  en Brazilië voor 20% van energie. Het is een gezamenlijk project van deze twee landen. De dam is 8 kilometer lang en 90 meter hoog. Er gaat 700 kubieke meter water per seconde door heen. Het stuwmeer is immens groot en 40.000 mensen hebben voor dit project hun huis moeten verlaten. De excursie begon met een videofilm over de bouw van de dam. Daarna werden we twee uur in een open dubbeldekkerbus rondgereden over het terrein en over de dam. Na een half uur kregen we te maken met een complete wolkbreuk en het zicht was niet meer dan 20 meter waardoor we niet veel meer konden zien. De tour ging gewoon door en de gids ging gewoon verder met zijn praatje. Bij terugkomst dachten we wel aan een andere tour te mogen deelnemen om in ieder geval nog iets te kunnen zien van de dam, maar dat viel tegen. Na nog even duidelijk te hebben gemaakt dat we tickets hadden gekocht voor de dam en niet voor de watervallen werd er vreselijk gelachen.

Met de motor terug naar de camping waar we rood aankwamen van alle opspattende rode klei die op de weg lag. Helaas een extra wasdag! Camping Paudimar is een prima camping met nette schone toiletgebouwen, een zwembad en zeer vriendelijk en behulpzaam personeel. ‘s Morgens stond er een gratis Braziliaans ontbijtbuffetje klaar. Braziliaans betekend veel verschillende soorten cake, andere zoete spullen en veel vers fruit. Kaas en vlees kennen ze niet bij het ontbijt! Op de camping hebben we ook leuke en gezellige ontmoetingen gehad met andere Overlanders en reizigers. Ook kwamen we er Charlie en Roos tegen die we in maart 2014 in de Spaanse Sahara ook waren tegen gekomen. Zo zie je maar weer hoe klein de wereld is!

In de volgende drie dagen zijn we naar het 800 kilometer verder noordwaarts gelegen Bonito gereden. We reden door een  agrarisch heuvelland. Hier werd veel mais, suikerriet en katoen verbouwd. Vaak werken Fazenda’s samen in coöperaties en die hebben buiten de landbouw ook slachthuizen, meelfabrieken, supermarkten en wat al niet meer in eigen beheer. De veeteeltbedrijven hebben soms wel meer dan 4000 stuks vee rondlopen. We hebben in Guaira in het vissershaventje aan de Rio Parana overnacht, waar de rivier bijna 4 kilometer breed is.

Bonito  is een klein zeer toeristisch plaatsje. Het staat bekend om zijn heldere rivieren en  meren met grotten. Om de natuur te beschermen moeten alle te bezoeken plaatsen met vergunningen en gidsen worden geboekt. Dit gaat tegen redelijke prijzen. Een aantal dagen door gebracht op camping Rio Formoso. De camping lag aan de Rio Formoso waarin je kon zwemmen tussen de dorada’s en onder kleine watervalletjes. Het water was zo helder dat je 4 meter diep tot op bodem kon kijken. ‘s Morgens  ontbeten we tussen de overvliegende toekans, ara’s en vele andere vogelsoorten. Tegen de schemering werden we iedere avond getrakteerd op een luid concert van de krekels.

We zijn wezen snorkelen in een van de grootste attracties van Bonito; het Aquario  Natural. Dit moet je zien als een groot natuurlijk aquarium zonder glas! Het begon met het verstrekken van wetsuits, waterschoenen en snorkels. Daarna instructies hoe deze te gebruiken in het zwembad waarna we na een wandeltochtje van een halve kilometer door de jungle bij de rivier aankwamen. Het water in deze rivier is zo helder omdat de rivier vanuit het zand onder water ontspringt. We zwommen tussen vissen van wel 50 centimeter groot. Na een half uurtje snorkelen in deze bron hebben we 1 kilometer gefloated. Dat is al snorkelend je met de stroom van de rivier mee te laten drijven. We dreven tussen de rivierplanten en vissen door. Het was geweldig. Als afsluiting konden we via een handkabelbaantje ons in het water laten vallen. De excursie eindigde met een wandeling door de jungle terug. We zagen hier agouti’s (soort knaagdieren) en pecarizwijnen rond lopen.

Onze volgende bestemming was Fazenda Santa Clara die in de zuid Pantanal ligt. De Pantanal is een van de grootste wetlands ter wereld met een grote diversiteit aan fauna en flora. De reis erheen was er een van veel regen en onweersbuien. In Miranda hebben we de voorraad weer op peil gebracht en zijn daarna richting Corumba gereden. Na 130 km zijn we afgeslagen naar de Estrada Parque. Dit is een onverharde weg met vele houten bruggen. Het  is de oude weg naar Corumba. Na 22 kilometer kwamen we aan op Fazenda Santa Clara. Onderweg zagen we vele mooie vogels, kaaimannen, veel toekans en de blauwe hyacint ara’s.

De camping lag aan een rivier waar regelmatig kaaimannen lagen te zonnen. We hebben er een boottocht gemaakt. De natuur was prachtig maar helaas hebben we weinig vogels en op kaaimannen na helemaal geen dieren gezien. Verder gewoon genoten van alles wat er voorbij vloog en liep op de camping. We zagen regelmatig de hyacint ara’s maar ook de roodblauwe ara’s voorbij vliegen en in de bomen zitten. Ook de toekans kwamen regelmatig voorbij vliegen achtervolgt door andere vogels. De toekans worden achtervolgd omdat ze de eieren uit de nesten stelen. Tijdens een wandeling zagen we ook pecari zwijnen en wasberen lopen. ‘s Avonds werden we verrast door de crab-eating vossen die over de camping heen scharrelden om te kijken of er nog wat te verhapstukken viel!

Na 3 warme dagen van rond de 40 graden zijn we weer vertrokken en zijn de Estrade Parque verder afgereden richting Corumba (de grensstad met Bolivia). Wederom veel vogels gezien waaronder lepelaars, de hout-ooievaar , de jabiru en op de weg zonnende kaaimannen. De brede rio Paraguay moesten we over met een zeer oud pontje voor een zeer nieuwe prijs! Nadat we in Corumba weer op de asfalt weg waren aangekomen zagen we 2 jabiru’s op een nest zitten en vele moerasherten.

Omdat het nog vroeg was besloten om door te rijden naar Miranda. Overal lagen veel “verkeersslachtoffers” langs de weg waaronder kleine miereneters, een tapir, slangen en zelfs krokodillen. In Miranda overnacht op een grote parking bij een nachttemperatuur van boven de 30 graden en deze keer zonder airco! Het was een zweterig nachtje en erg weinig geslapen. Om 5.30 uur waren we al weer aan het rijden om via Campo Grande en Cuiaba richting Pocone te rijden. Het waren weer 3 lange dagen van rijden over een zeer drukke weg en overnachten op lawaaierige truckstops. Het verkeer bestaat voor 99 % uit grote vrachtwagencombinaties van 26 tot 30 meter lang. Alle chauffeurs hebben blijkbaar rijles gehad van Ayrton Senna en vechten werkelijk om iedere meter! Eerst een paar dagen op Pousado 3 J (25 km ten noorden van Pocone) doorgebracht. Na 3 dagen van kilometers vreten was het heerlijk om bij een temperatuur van 38 graden regelmatig even verfrissing in het zwembad te zoeken.

Pocone ligt aan het begin van de Transpantaneira. Dit is een piste die 145 kilometer diep de Pantanal in gaat met 126 houten bruggen. Het is ook de enigste weg de Pantanal in. In 1976 wilde men Cuiaba verbinden met Corumba in het zuiden. Vanwege de bodemgesteldheid en milieuprotesten zijn ze na 146 km in Porto Jofre gestopt. Alvorens aan deze tocht te beginnen hebben we ons eerst een paar dagen op Pousado 3J geïnstalleerd. We wilden ook nog de laatste info omtrent de gesteldheid van de piste en de bruggen. De een geeft aan dat het mogelijk moet zijn voor ons en de ander geeft aan dat het niet mogelijk is om in Porte Joffre te komen!! Veel verder zijn we dus wat info betreft niet gekomen.

De campingeigenaar wist dat we zaterdagmorgen weer zouden vertrekken en kwam vrijdagavond ineens met een rekening in het engels vertaald met een vertaalprogramma op de computer. Na alleen nog maar behulpzame en nette vriendelijke mensen getroffen te hebben, bleken we nu te maken te hebben met een grote oplichterbende. Hij vroeg voor drie nachten 750 reaal wat omgerekend 195 euro is! Ook bij de receptie had hij ineens een papier opgehangen met: “camping daily 250 reaal”! Nou, voor de eerste keer deze reis weer eens verschrikkelijk boos geworden en hem duidelijk gemaakt met het vertaalprogramma op zijn computer wat voor een oplichter hij wel niet was! Uiteindelijk betaald wat het normale tarief op iedere camping is en hem duidelijk gemaakt dat we deze info ook als referentie op I-Overlander zouden zetten!

De ochtend erop zonder ze nog een blik waardig te gunnen vertrokken.  Aan het begin van de Transpantaneira hebben we 2 dagen op de camping Portal Paraiso gestaan. Bij het terrein op rijden moesten we over een veerooster waar we met de achterwielen doorheen zakten. Dit was een slecht voorteken voor de nog te nemen 126 houten bruggen! Het was ook hier erg warm en we hebben dan ook regelmatig verkoeling gezocht in het  zwembad wat uitkeek over de landerijen. Hier zagen we capybara’s, rhea’s met jongen, krokodillen en zelfs een tapir voorbij komen. Natuurlijk ook weer veel vogels zoals de hyacint en blauwrode ara en natuurlijk de tucan! Zowel de hyacintara’s als de blauwrode ara’s hadden hier op het landgoed hun nesten in de holen van de boomstammen zitten. Op de boerderij liet men ons een gele anaconda van ongeveer 3 meter zien die hier zijn slaapplek had onder een stapel hout.

Na 2 dagen aan de tocht begonnen naar Porto Jofre. De weg was in zeer goede staat en goed te rijden en de meeste bruggen waren ook goed te nemen. De meeste bruggen hadden ook een bypass zodat je er door de rivier omheen kon rijden.  Op een gegeven moment kwam er een slechte brug zonder bypass en met veel gekraak en planken die een halve meter omhoog kwamen bereikten we de overkant. Dat waren even extra zweetdruppeltjes en gelukkig hadden de daarop volgende bruggen weer een bypass. 70 kilometer voor Porto Jofre bij brug nr. 39 kwam er een eind aan onze tocht. Deze brug had geen bypass om er omheen te rijden en was in dusdanige slechte staat dat we er niet over heen durfden. Van de onder constructie was ook  een groot gedeelte weggerot en verdwenen. Om heelhuids met “Dancing king” verder te kunnen hebben we geen onnodige  risico’s genomen en zijn hier omgedraaid.

Rustig terug gereden en genoten van alles op en langs de weg. Bij Rio Clarinho gaan kijken of we daar konden overnachten. Het pad was erg smal en de takken laag. Na de nodige dikke takken afgezaagd te hebben konden we er uiteindelijk toch komen. Na een 3 kilometer kwamen we bij de Pousada uit maar wij vonden het niets, dus zijn we weer vertrokken op zoek naar een andere overnachtingsplaats. Bij Pousada  Rio Claro mochten we overnachten en dit zag er allemaal netjes uit. Ook had men een zwembad waar het lekker vertoeven was met 43 graden. Dit jaar is men begonnen met een reconstructie van de houten bruggen. Voor de eerste 13 bruggen stond een tijd gepland van 300 werkdagen. Dit houd dus in dat alle bruggen pas over 10 jaar klaar zijn. De slechtste bruggen liggen aan het eind, maar men moet vooraan beginnen omdat men met het zware materieel en materiaal wat nodig is anders niet aan het einde kan komen.

We hebben een boottocht gemaakt op de Rio Claro die zeer de moeite waard was. We hebben brulapen, leguanen, krokedillen, de neotropical otter (die zeer zeldzaam is) en natuurlijk weer veel vogels gezien. De boottocht ging door een pracht natuurgebied en af en toe was de rivier geheel dicht gegroeid met waterhyacinten.

De laatste etappe in Brazilië was naar Caceres. Hier moesten we ons uit laten stempelen bij de Policia Federal. We hebben alle dieseltanks volgetankt omdat we wisten dat het in Bolivia soms moeilijk is om aan diesel te komen. We hebben de laatste nacht overnacht achter een pompstation in Caceres alwaar we ook nog even lekker zijn gaan genieten vaneen kilorestaurant . De prijs is in zo’n restaurant per kilo afgemaakt en je gevuld bordje word gewogen waarna je dus af moet rekenen wat je gegeten hebt. De volgende morgen naar de grens gereden en omdat we de dag ervoor al uit gestempeld waren konden we direct niemandsland inrijden! We hebben vreselijk genoten van Brazilië, het is een mooi land met zeer vriendelijke en behulpzame mensen. We verheugen ons erop om volgend jaar hier weer terug te komen.

Bolivia
Aan de grens met Bolivia werden we direct aangehouden en wilde men even in de camper kijken. Ze zagen onze biervoorraad en gaven aan dat we dit niet mee mochten nemen. Na uitleg dat dit voor eigen gebruik was vroegen ze nog naar de rekening van het bier die we nog hadden omdat we deze gepind hadden. De schouders werden opgehaald en we konden verder rijden. Over een hobbelpad kwamen we in San Mattias waar we de zaken met de politie en de douane moesten regelen. San Mattias leek wel een spookdorp, alles was gesloten met rolluiken en er was bijna niemand op straat te zien. Na wat zoeken en vragen aan die enkeling die op straat liep kwamen we bij het Immigratie kantoor aan. Op de deur hing een bordje “cerrado”, oftewel gesloten. Aan de deur gevoeld en deze  bleek  gewoon open te zijn. De medewerkers wakker geschud en aan het werk gezet. De stempels waren zo verkregen met een verhaal erbij dat we niet naar Santa Cruz konden. Wij begrepen het niet helemaal en dachten dat ze aangaven dat het douanekantoor dicht zou zijn. Door het verlaten dorpje naar de douane gereden.

Bij de douane aangekomen bleken deze gewoon aan het werk te zijn. We hadden van het paspoort, het kentekenbewijs en het  inreispapieren van de immigratie een kopie nodig. We hadden in de camper van alles een kopie behalve van het het inreispapier, dus terug naar het dorpscentrum op zoek naar een copyshop welke open was of open wilde maken. Op een muur hadden we “Change” zien staan dus ook nog maar eerst proberen om geld te wisselen.  Dit moest onder een bijna gesloten rolluik door via een luikje gebeuren. Daarna een kopie gemaakt bij een apotheker die wel nog geopend was! Met de benodigde kopieën terug naar de douane en toen bleek dat we ook voor de motor dezelfde kopieën nog een keer moesten hebben. Gelukkig waren ze nu zo vriendelijk om zelf een kopie te maken. Toen bleek dat er geen tijdelijke invoerpapier gemaakt kon worden voor de motor omdat die ook op Ton zijn naam stond. Blijkbaar kon het systeem geen 2 voertuigen registreren die op een en dezelfde naam staan. Er werd van alles op het auto invoerpapier geschreven en na wederom een grondige controle van de camper konden we gaan. Ook deze keer vonden ze dat we te veel bier bij ons hadden en meesten we ze er weer van overtuigen dat het voor eigen gebruik was. Aangegeven dat Ton bijna jarig was en dat het voor het verjaardagsfeestje was! Al ons vlees uit Brazilië hadden we weggestopt en daar werd niet op gecontroleerd.

Van twee reizigers uit de Oekraïne vernamen we nog dat er al twee dagen geen voertuig meer richting Santa Cruz was gegaan en dat hun hier gestrand waren en zelfs geen hotel of pension hadden kunnen vinden dat open was. Toen we ze mee wilden nemen konden we ze echter niet meer vinden! Ons afvragend wat er toch allemaal aan de hand was vertrokken aan de tocht over een 500 km lang onverhatrde weg met veel wasbordvorming. Het eerste gedeelte ging nog door het verlengde van de Pantanal met ook veel houten bruggen en veel moerassen. Dieren zagen we niet meer zo veel als in Brazilië. Een 75 km verder in Las Petas had de plaatselijke bevolking de brug geblokkeerd en werden we tot stoppen gedwongen. Toen Ton keek of we door de rivier konden werd deze ook gesperd met bielzen en later werd er achter ons nog een boom omgezaagd om de weg daar ook te blokkeren.

Hier hebben we 28 uur bij een temperatuur van 40 graden en tussen de moerassen stil gestaan. Ieder uur werd er een hoop vuurwerk afgestoken dus slapen was er ook niet bij. Toen Ton aangegeven had dat het een stelletje (Secuestradores) gijzelnemers waren en dat ze daar in Holland 5 jaar voor in de bak moesten werd de blokkade achter ons opgeheven. Daar hadden we echter weinig aan want we moesten vooruit!!! Ze hadden de weg geblokkeerd uit onvrede voor de hoge energieprijzen. Er werd regelmatig met koffie en koud water rond gegaan.  Ook konden we gaan eten, maar op dat eten was ons maagdarm stelsel niet ingesteld dus hebben we dit afgeslagen. Het was een mengsel van bonen gekookt in de bouillon van twee koeienkoppen. Met stenen stonden de mensen de hersenen nog uit de gekookte koppen te slaan om deze op te peuzelen. Een delicatesse, maar even niet voor ons in deze situatie! Wij hebben maar weer een lekker Filet de Mignon op het vuur gegooid.

De mensen kwamen regelmatig langs om een praatje te maken. De mannen liepen hier de hele dag rond met een dikke wang. Men kauwt hier cocabladeren, dan heb je geen honger en dorst en je blijft wakker zegt men. Ook Ton werd regelmatig de zak met cocabladeren voor gehouden.Na bezoek van de pers werd de blokkade omdat men niet meer eensgezind was opgeheven en konden we verder. Het was inmiddels al donker maar toch besloten om door te rijden tot het volgende dorp. Na een nachtje rustig slapen de weg vervolgd naar San Ignacio de Velasco.

In San Ignacio de Velasco aangekomen de camper mooi achterwaarts onder een boom geparkeerd zodat deze met de deur richting trottoir stond en lekker in de schaduw. Na een poosje kwam de politie en werd ik gesommeerd om mee te gaan naar het bureau. Daar moest ik in een kamertje 1 1/2 uur wachten op de commandant die ze echter niet konden vinden. Daarna een politieagent duidelijk moeten maken dat ik geen overtreding begaan had en dan ook geen proces verbaal zou betalen. Na een uurtje tekenen van verkeerssituaties en veel heen en weer gelul kon ik eindelijk weer vertrekken. Ik werd door 4 agenten opgehaald in een jeep, maar moest alleen te voet terug naar de camper!

San Ignacio de Velasco  is onderdeel van de missionarisroute. Deze bestaat uit 9 stadjes met  houten kerken en kloosters die gebouwd zijn door een Zwitserse pater Martin Schmidt en/of zijn leerlingen rond 1750. Ze staan allemaal op de wereld erfgoedlijst van de Unesco.  De kerk in San Ignacio de Velasco was erg mooi met prachtige schilderingen. Er is ontzettend veel tropisch hard hout in verwerkt. Na een hele nacht discomuziek te hebben moeten aanhoren ‘s morgens al weer vroeg vertrokken. De volgende dag hebben we nog de kerken/kloosters bezocht in San Miguel de Velasco, San Rafeal en San Jose de Chiquitos.

De weg van 200 kilometer naar San Jose de Chiquitos was erg slecht. Ton zijn verjaardag heeft hij dus grotendeels achter het stuur doorgebracht met het ontwijken van kuilen en omzeilen van wasbord. Na de camper op het dorpsplein geparkeerd te hebben een lekkere verjaardagspint gedronken en nog een paar extra om het stof weg te happen. De maandagmarkt in San Jose  zou volgens onze reisboeken schilderachtig zijn en voor de vele hier in de streek levende Mennonieten een ontmoetingspunt. De schilderachtige maandagmarkt was dezelfde markt als op de andere weekdagen en niets bijzonders.  Wel kwamen we er meerdere groepen Mennonieten tegen.

Mennonieten zijn volgelingen van de Friese priester Menno Simons uit Witmarsum die leefde in de 16e eeuw. In Bolivia leven nog bijna 60.000 traditionele Mennonieten.  De landbouw is hun belangrijkste inkomstenbron. De Boliviaanse Mennonieten zijn oorspronkelijk afkomstig uit Rusland. De Mennonitische gemeenschap staat bekend om haar strenge geloofsregels. De gezinnen zijn groot, trouwen buiten de eigen gemeenschap wordt niet geaccepteerd. Vrouwen dragen geen broeken, ze dragen wijde rokken, hebben lang haar en dragen witten hoeden. Alle mannen kleden zich hetzelfde; hoed, tuinbroek en een geruit overhemd. Vervoer gaat per paard en wagen. De taal van de Mennonieten is platdietsch. Ze wijzen moderne techniek af en hebben geen stroom of stromend water.De markt was dus snel bekeken en besloten om naar Santa Cruz te rijden.

Onderweg een paar keer proberen te tanken, maar of je krijgt niets of je betaald $0,75 per liter extra omdat je een buitenlander bent! Uiteindelijk een vriendelijk meisje gevonden die ons de diesel tegen het Boliviaanse tarief wilde verkopen. We moesten de camper echter wel achter het pompstation parkeren en met jerrycans heen en weer lopen! Maar goed, sneller kun je  geld niet verdienen dus dit maar gedaan. In Santa Cruz hebben we overnacht op de parkeerplaats van het Biocentro Guelbe. Helaas moesten we de volgende dag weer vertrekken omdat we niet van plan waren het park te bezoeken. Dus op weg naar Samaipata. Direct  buiten Santa Cruz werd het bergachtig. Het was een mooie route over een super slechte weg. Door hevige regenval waren hier de nodige landslides geweest en grote delen van de weg waren verdwenen door het hoge water van de rivier.  Het is hier fruitoogsttijd en in de koele bergen werd langs de weg veel fruit verkocht. We hebben spotgoedkoop perziken, pruimen, ananas en bananen gekocht. In Samaipata aangekomen ons voor een “korte vakantie ” op camping La Vispera geïnstalleerd.  Hier even lekker bijkomen na een 700 km stofhappen, kuilen proberen te ontwijken en wasbord proberen te omzeilen. Ook de King had inmiddels wat onderhoud nodig!

Na twee dagen van wat schoonmaken en relaxen bleek echter dat niet “de King” maar Ton aan onderhoud toe was! Ton kreeg ‘s nachts ondraaglijke buikpijn en snel was voor ons beiden duidelijk dat het goed mis was. De nacht doorgeworsteld en bij het ochtend gloren meteen naar de eigenaren van de camping (dat een Nederlands echtpaar is) op zoek. Na deze eindelijk via wat andere mensen gevonden te hebben is Pieter met ons meegegaan naar het ziekenhuisje in Samaipata. De taxi stond ondertussen al klaar omdat iemand deze in het dorp gehaald had omdat de stroom uitgevallen was en er dus niet gebeld kon worden. In het dorpsziekenhuisje werd Ton meteen aan een infuus met pijnstillers en spierverslappers gelegd er was direct ook hier duidelijk dat de situatie ernstig was. Pieter heeft in samen spraak met de dokter geregeld dat Ton in een ambulance naar Clinica Incor in Santa Cruz werd gebracht, 120 km verderop.

Met zwaailicht en loeiende sirene scheurde de ambulance trachtend alle gaten in de super slechte weg te ontwijken naar Santa Cruz. Gelukkig was het een ambulance met Arco ( alle ramen continu open) zodat Ton zich met 2 handen kon  vast houden aan de raamspijlen omdat hij anders van de brancard af zou stuiteren. Chantel zat voorin met de haren regelmatig rechtop van angst. De medeweggebruikers hier in Bolivia houden geen rekening met een aanstormende ambulance en gaan nog even rustig inhalen. De verpleger die mee reed deed rustig een spelletje op zijn gsm. Af en toe vroeg hij de chauffeur om iets rustiger door de kuilen en over de hobbels te rijden omdat Ton bijna van de brancard afviel.

Na twee en een half uur arriveerden we bij Clinica Incor. Hier werden direct alle voorbereidende zaken voor een spoedoperatie getroffen.  Regelmatig werd Chantel weggeroepen omdat er eerst betaald moest worden voor ze verder konden met de onderzoeken. Nadat er een deposito was betaald voor de kamer werd Ton naar de afdeling gebracht. Na een 3 uurtjes ging het dan eindelijk naar de OK. Diagnose: beknelde darm in een navelbreuk. Voor de lift was het weer even wachten en weer terug naar de kamer. Men was een papiertje van het hartfilmpje kwijt. Zelfs de rit in het bed over de gangen was onaangenaam. Kennen jullie het winkelkarretje waarvan een wiel niet goed loopt; nou, zo ging het daar ook met het bed! Links en rechts werd er tegen muren en deuren aan gereden.

Na weer een kwartier verder was het papiertje gevonden  en ging het weer richting OK. Na een operatie van drie en een half uur werd Chantel geroepen en kreeg van de chirurg te horen dat de operatie goed was verlopen en dat het goed ging met Ton, opluchting!!! Men had 60 cm. dikke darm verwijderd omdat deze al waren afgestorven. In een bekkentje werden de weggehaalde darmen getoond en de chirurg liet foto’s zien van de darmen die hij tijdens de operatie met zijn Iphone had gemaakt. Er moest direct  $400  betaald worden voor het gebruik van een hechtapparaat met nieten.  Na 4 uur op de verkoeverkamer te zijn geweest kwam Ton weer terug op zijn kamer.

Hier werd duidelijk dat men een stoma aangebracht en dat was wel even schrikken! Chantel mocht 24 uur per dag bij Ton blijven en kon op zijn kamer op een wat ongemakkelijk bankje slapen. Elke dag kwam er een heel team van artsen en coassistenten aan bed en werd Ton helemaal onderzocht. Ook kwam er twee maal daags een Cardioloog met een team assistenten even de pols voelen. Men had namelijk bij opname hoge bloeddruk geconstateerd. Deze was 150/90 wat voor ons normaal leek gezien de omstandigheden!  In Nederland volgens ons geen zaak om je over op te winden, maar hier vond men dat het moest worden behandeld. Daarvoor werden dus de nodige recepten uitgeschreven. De verpleging deed vreselijk hun best maar de taal was een grote handicap.  Hierdoor ontstonden de meest lachwekkende spraakverwarringen waar we regelmatig om hebben moeten lachen.

De twee laatste ziekenhuisdagen  stonden in het teken van het verkrijgen van de nodige medicijnen en stomaspullen bij verschillende apotheken  en de zorgwinkel. Daarnaast nog meer dan een halve dag werk gehad om alles te betalen en vooral om de rekeningen te krijgen zodat we die in Nederland kunnen declareren. Alles moest namelijk cash of met de creditcard afgerekend worden. Pas toen alles betaald was werd het infuus verwijderd en konden we vertrekken. Blijkbaar waren ze bang dat we zonder te betalen het ziekenhuis zouden verlaten, maar hun uitleg was dat er nog medicijnen in de infuusfles zaten. Met een taxi zijn we terug gegaan naar Samaipata. Pieter had de taxicentrale ingelicht dat er rustig moest worden gereden en dat deed de chauffeur dan ook. Tegen de avond waren we weer “thuis” en konden we nog snel even de familie inlichten over de laatste situatie.

Na 8 dagen moesten we op controle komen bij de cardioloog en de chirurg. Deze 8 dagen hebben we de situatie eens goed kunnen relativeren en allerlei opties bekeken hoe nu verder. Hier in de bergen is het een heerlijk weertje. Het is er een dikke 10 graden koeler als in Santa Cruz dus ideaal om goed te herstellen. Ons verder eens goed verdiept in het verzorgen van de stoma. Voor de controles in het ziekenhuis een taxi voor de gehele dag geregeld. ‘s Morgens om 8 uur werden we netjes bij de camper opgehaald en na 3 uurtjes waren we in Santa Cruz. In het ziekenhuis werd ons geduld weer eens aardig op de proef gesteld. Eerst het consult voor de cardioloog betalen en toen pas op controle. Toen moest er een E.C.G. gemaakt worden en weer betalen. Compleet nieuwe lijst met medicatie voorgeschreven en deze gehaald. De andere kunnen we dus weggooien doen, kosten $100. Hij was zeer tevreden en Ton moet zich binnen een maand in Nederland bij de cardioloog melden. Ja, sinds de opname is hij ook ineens hartpatiënt! Nooit nergens last van gehad en nu zou er van alles aan de hand zijn. Dat word in Nederland wel verder uitgezocht en vooralsnog slikt Ton dus netjes de bloeddrukverlagende medicatie!

Vijf  uur later konden we pas bij de chirurg terecht. Eerst weer betalen en deze keer cash. Ze wilden echter geen rekening geven en we hebben onze les geleerd. Geen rekening, geen geld! Een hoop gelach daar achter de balie en dus niet betaald en toch gewoon op consult! Ook de chirurg was erg tevreden over Ton zijn conditie. Hij had de rekening van de $ 400,-  voor het nietapparaat klaar liggen die ons al vier keer beloofd was en ook het medisch dossier lag al klaar. Verder heeft  hij de hechtingen verwijderd en dat voelde bij Ton direct beter aan. De dokter gaf  nog aan dat Ton door het oog van de naald was gekropen.

Verder heeft hij een paper geschreven met toestemming om naar huis te vliegen. Alles met hem afgehandeld en hem vriendelijk bedankt. Daarna terug naar de balie om toch maar netjes te betalen, maar dan wel met een rekening. Na telefonisch overleg met de chirurg kregen we het consult gratis! Tussendoor nog even naar de zorgwinkel gewandeld en nieuwe stoma artikelen gehaald. We worden nog professionals! Op de terugweg kwamen we weer in een wegblokkade terecht. Gelukkig werd die na een uurtje weer opgeheven. Na 13 uur weer terug op de camping. Hierdoor kwamen we in het pikkedonker aan we kunnen jullie vertellen dat het een wilde rit was zo door de bergen over al die slechte wegen. En dan een drukste van jewelste omdat de weg vanaf 12 uur dicht was geweest. Iedereen wilde zo snel mogelijk weg en naar huis en dan wil je niet meemaken hoe dat hier gaat met al die inhaalmanoeuvres. Vooral de lange afstands bussen kunnen er wat van en hier zullen wij dan ook nooit in gaan zitten! Chantel met de box vol stront en Ton met een zak vol stront kwamen we bij de camper aan! Moe en blij dat alles naar omstandigheden erg goed ging in bed gekropen en heerlijk geslapen.

Deze nacht koelde het af naar maar 11 graden en moesten we het dekbed weer tevoorschijn halen. De volgende ochtend direct maar weer plannen gaan maken en alles een beetje opgeruimd en ingepakt. We hadden besloten terug naar Nederland te gaan. In verband met een maximale tijdelijke invoer van drie maanden moest de camper Bolivia uit en besloten om deze rustig naar Uruguay te rijden waar de camper een jaar mag achterblijven. Samen naar het dorp gewandeld en nog een mooie houten schaal gekocht. Ook nog even met een taxi naar het ziekenhuisje geweest om een kleine donatie te doen. Hier hadden ze tenslotte de situatie goed ingeschat en Ton met de ambulance naar Santa Cruz gestuurd. Met onze donatie waren ze erg blij, ze zouden er handdoeken of lakens van kopen. Die kunnen ze altijd gebruiken.

Nog afscheid genomen van Pieter  en Marga en de volgende ochtend vertrokken voor onze trip van 2700 km. naar Uruguay. Bij het eerste het beste tolpoortje werden we aangehouden door de politie en deze wilden onze tijdelijke importpapieren zien. Aan de grens had men de motor op de papieren van “de King” gezet en volgens hun mocht dat niet en zouden we dus een bekeuring krijgen! Nou, die corrupte agenten even duidelijk gemaakt wat corruptie was en vertrokken!

In de grensplaats Yacuiba, tussen Bolivia en Argentinië bleek de weg naar de grens te zijn afgesloten vanwege de zaterdagse weekmarkt. We zouden op zondagmorgen weer verder kunnen. Om hier bij 40 graden een dag te wachten hadden we niet gepland en ook geen zin in! Nadat we hadden aangegeven dat we met spoed terug moesten naar Nederland mochten we ons eerst door allerlei smalle straatjes manoeuvreren. Hierbij bleven we een aantal malen achter laaghangende elektriciteit kabels hangen. Mensen gaven aan dat we gewoon door moesten rijden en dat hebben we dan ook maar gedaan. Gevolg: kabels doormidden getrokken en de kap van de dakventilator afgebroken. Uiteindelijk kwamen we toch weer bij de markt uit. In eerste instantie moesten we stoppen maar uiteindelijk mochten we toch doorrijden. Langzaam rijdend waarbij alle marktlui hun parasols, afdakjes en kraampjes opzij trokken zodat wij er door konden kwamen we bij de grens uit.

Het douanekantoortje bleek midden op de markt te zijn en aangegeven door pionnen op straat. Na de papieren in orde te hebben gemaakt moesten we ons weer verder manoeuvreren tussen de marktkramen door. Ondertussen waren de marktlui erg boos en ook de politie was niet erg content met ons. Aangegeven dat we toch echt toestemming hadden van de agenten aan de andere kant van de markt. Vraag van de politie was nog hoeveel we er voor betaald hadden!!!!! Nou, niets!Uiteindelijk waren we de markt gepasseerd en kwamen we bij het grote grensgebouw. Nadat we alles hadden geregeld moesten we nog langs een röntgenauto. Omdat het erg druk was met vrachtwagens vanwege het feit dat de grens eigenlijk dicht was zouden wij pas ‘s avonds aan de beurt zijn. Het was erg warm en pas 12.00 uur en we hadden geen zin om zo lang te wachten. Dan hadden we ons voor niets alle heisa op die markt op de nek gehaald! Ton de trui om hoog, zijn operatiewond en stomazak laten zien en aangegeven dat we een “problema medical” hadden en snel verder moesten. Er werd even overlegd en via wat omwegen mochten we de grens over, maar niet zonder toch nog eerst twee keer door de röntgenwagen gescand te zijn.

Argentinië                                                                                                                                                                                 De route door Argentinië verliep ook vlot. De wegen waren op een paar stukken na erg goed. Het was een saaie route door de pampa met als hoogte punten schildpadden, leguanen en vossen die de weg overstaken. Ook hebben we onderweg wel duizend kilometer veel last gehad van vlinders. Het leek wel of het sneeuwde!  De radiateur zat helemaal dicht met de vlinderlijkjes en deze hebben we dan ook regelmatig schoon moeten maken voor een goede koeling.

Uruguay                                                                                                                                                                                      De grens naar Uruguay zijn we overgegaan in Gualeguaychu-Fray Bentos. Deze grenspassage staat ook niet bekend als de gemakkelijkste, maar was voor ons de snelste die we hier in Zuid Amerika hebben meegemaakt. Om lang wachten en allerlei controles en discussies te voorkomen maar direct aangegeven dat we een “problema medical” hadden. Zo waren we na 2700 km en 4 en een halve dag later in Artilleros waar we “de King” hebben gestald. Toen begon het bellen met SOS international die de zaken van de ANWB alarmcentrale had overgenomen. Er moesten allerlei medische overdrachten van de Boliviaanse artsen worden gemaild. Dat was op dat moment een probleem omdat we geen internet hadden. Na wat rondlopen en vragen, vrienden van Danny en Fabiana gevonden en daar konden we gebruik maken van de wifi. Na regelmatig naar de vrienden te zijn gewandeld om te mailen en te bellen, kregen we woensdag laat in de middag te horen dat Ton eerst een ECG moest laten maken in een ziekenhuis in Montevideo of Buenos Aires omdat de artsen in Holland geen toestemming gaven om te vliegen. Toen we aangaven dat we een uitdraai van een ECG hadden van de controle op 8 december mochten we deze mailen.

Om 18.00 uur kwam het verlossende woord dat we terug mochten vliegen naar Holland en dat men ook al enkele opties had voor ons.De eerste optie direct geaccepteerd. De volgende morgen moesten we om uiterlijk 11.00 uur op het vliegveld in Montevideo zijn. De tijd was erg krap en moesten we het nodige organiseren. Snel alles in orde gemaakt zodat we “de King” konden afsluiten voor 9 maanden. Omdat er geen openbaar vervoer was in Artilleros de buurman gevraagd of hij ons naar Colonia wilde brengen en dat was oké. Daar de bus genomen naar Montevideo en ons met de taxi naar het inmiddels voor ons bekende hotel laten brengen voor een korte nachtrust. Na een lekker ontbijtje de volgende morgen met de taxi naar het vliegveld. Met Air Europa zijn we naar Madrid gevlogen. Hier moesten we overstappen voor een vlucht naar Amsterdam. Helaas bleek op Schiphol onze koffer zoek te zijn en met een uurtje vertraging maar wel met onze koffer konden we in de Medical Assist Taxi stappen en zijn we naar huis gebracht waar familie en vrienden blij waren ons weer te zien. Nu weer eerst gezond worden en dan weer snel terug naar Bolivia waar we de reis weer oppikken!

Laat een antwoord achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *