Wie zijn wij > Reisverslagen > 2017 - 2018 > Peru

Peru

Eind september zat ons half jaartje van werken en ziekenhuisbezoeken er weer op en waren we klaar voor onze volgende etappe in Zuid Amerika. Na een vliegreis van 16 uur met een tussenlanding in Toronto stonden we 's nachts om 3 uur op het vliegveld in Lima. Hier hebben we nog 2 dagen doorgebracht om de stad nog even verder te verkennen alvorens door te vliegen naar Cusco.  De vliegreis duurde een uurtje waarbij we de hoge bergen van de Andes konden zien met hun besneeuwde toppen. De landing in Cusco was spectaculair. We vlogen vlak over en langs hoge bergen om later door een dal  het vliegveld van Cusco  te kunnen aan vliegen. Het was een van de spectaculairste landingen die we tot nu toe hebben meegemaakt. Nadat we waren uitgestapt werd direct duidelijk dat we op 3400 meter hoogte waren en we hadden dan ook meteen last van kortademigheid. Na een taxiritje van 10 minuten stonden we weer oog in oog met onze "King". Starten deed hij niet want de accu's  hadden na de koude winterperiode hoog in de bergen niet voldoende power meer. Na een nachtje aan de acculader sprong de King de volgende dag meteen aan! Wijzelf zijn maar weer direct begonnen met het zetten van thee van de cocablaadjes waarvan we nog een zak in de camper hadden liggen. Deze helpen tegen de hoogteziekte en bij de gewenning aan de hoogte.

Toen we de camper van de stallingsplaats gingen verzetten naar een plekje meer in de zon kregen we het meteen met een ander stel aan de stok. We hadden de mensen rechts van ons gevraagd of ze geen bezwaar hadden dat wij daar zouden gaan staan en hun niet! Boos waren ze en na een poosje even duidelijk aangegeven dat hun in onze ogen geen last van ons hadden en dat we nog ruim 4 meter van hun afstonden. Daarna begonnen ze je jammeren over het feit dat kleine camperaars altijd het onderspit moesten delven voor de grote vrachtwagens. Gevraagd waar hij die onzin vandaan haalde en dat hij dan maar ergens anders moest gaan staan. Dat laatste deed hij ook en ging met zijn Toyota op onze stallingsplaats staan. Hoe kleinzielig kun je zijn.
 

Na een beetje klussen en onze voorraad weer op peil brengen zijn we begonnen met het regelen van de douaneformaliteiten. Om de camper hier achter te laten hadden we in Februari onze TIP geschorst. Hiervoor hadden we toen 32 A4tjes moeten invullen en moeten paraferen met een handtekening en vingerafdruk. Nu moesten we eerst een papier in vullen waarmee we vervolgens naar het douanekantoor moesten gaan. Hier werd weer een ander formulier ingevuld wat weer gekopieerd moest worden. Vervolgens moesten we met iemand van de douane terug naar de camping zodat deze zich ervan kon overtuigen dat de camper en motor er nog stonden. De volgende morgen konden we om half 9 de nieuwe TIP ophalen. Op een verzekeringskantoor aan de andere kant van de stad hebben we een verzekering afgesloten voor een maand; kosten 10$ (Ä 9).

Nu alles weer geregeld was nog even onze stallingkosten betaald en we waren weer klaar voor vertrek. Via Albacay zijn we naar Ayacucho diep en hoog de Andes in gereden. De tocht was adembenemend mooi. Bergpassen van boven de 4000 meter werden telkens weer afgewisseld met een dal van rond de 2000 meter. Overal passeerden we kleine boerengehuchtjes om uiteindelijk in Anduhualas aan te komen. Dit is een grote stad welke diep in een kom ligt met overal kleine en zeer steile straatjes. We wisten dus dat we moesten oppassen om ons niet vast te rijden in deze straatjes maar door een omleiding gebeurde dat toch! Na wat blokkades genegeerd te hebben en tegen het eenrichtingsverkeer in kwamen we al snel weer op de goede weg. In Ayacucho overkwam ons weer hetzelfde en toen we eindelijk weer op de goede weg zaten hebben we besloten om maar door te rijden naar de kust. De overnachtingplaats in Ayacucho  bleek onbereikbaar te zijn voor de King!  Buiten Ayacucho voor de eerste keer deze reis maar weer eens overnacht  bij een tankstation.  De eigenaar was erg vriendelijk en zeer geÔnteresseerd. Ook kwam hij later nog even vertellen dat hij ook diesel verkocht dus 's morgens maar even een beetje bijgetankt.

Daarna weer verder richting kust maar eerst moesten we nog een pas over van 4750 meter om op een plateau van 4300 meter te komen. Hier onweerde en sneeuwde het.  Na nog een pas van 4500 meter begon eindelijk de afdaling. Onderweg weer schitterende dingen gezien zoals een kalkafzetting die leek op Pamukale in Turkije,  bromelia's van wel 5 meter hoog die bijna in bloei stonden en natuurlijk op de meest onmogelijke plaatsen weer de terrasakkertjes van de keuterboertjes. Deze verbouwen hoofdzakelijk aardappelen welke in de droge periode groeien door het vocht van de wolken. Na het oogsten worden ze ingekuild om ze te beschermen tegen de vorst in de koude nachten. Tegen die tijd dat er een keer een vrachtwagen langs komt om de aardappelen op te halen worden ze uit de kuilen gehaald en in zakken aan de weg gezet. Na het oogsten worden de varkens door de boerinnen enkele dagen op het geoogste land uitgelaten om nog van de in de grond achtergebleven aardappelen te genieten.

Na 30 uur, 950 kilometer en 21729 hoogtemeters overbrugt te hebben kwamen we na 3 dagen eindelijk aan de kust. In Pisco wat inkopen gedaan om ons vervolgens in Paracas op een mooie camperplaats, Kangeroo Kitesurfing,  te installeren. Hier stonden ook meerdere overlanders. 's Morgens werden we wakker en liepen de flamingo's voor de deur in zee te fourageren.

Paracas is een zeer toeristisch dorpje omdat vanuit hier boottochten vertrekken naar de Islas Ballestas. Na een paar dagen van bijtanken van de rit door de bergen werd het tijd om weer eens iets te gaan doen. Met de motor naar het centrum gereden waar we een boottochtje hebben geboekt naar de Islas Ballestas. In een mega speedboot werden we naar de eilanden gevaren. Hier wisten we niet wat we zagen; zoveel vogels bij elkaar hebben we nog nooit gezien. Al die vogels bij elkaar poepen natuurlijk ook en de guanolucht kwam ons dan ook tegemoet. Volgens de gids was het een speciaal vogelaroma! Ook zagen we er pinguÔns en zeerobben. Na een uurtje om de eilanden heen te hebben gevaren ging het met volle snelheid weer retour richting Paracas. Onderweg werd eenieder uitgenodigd om even het stuur over te nemen van de stuurman. Hoezo vaarvergunning?

De dag erop zijn we naar het National Reserva Paracas gereden. Het is een schiereiland waar veel te zien zou zijn. We zijn naar Playa la Minas gereden, deels over een onverharde weg langs het vissersgehuchtje Lagunillas. Het was een prachtige plek waar we de zeeleeuwen hoorden brullen en later ook vonden tussen de rotsen. Pelikanen en andere vogels doken vlak voor onze neus de zee in op zoek naar een visje. Omdat we door de steeds sterker wordende wind compleet gezandstraald werden zijn we 's avonds weer terug gereden naar ons stekkie in Paracas om de volgende dag naar een mooi klein vissersdorpje te rijden, Cerro Azul. Dit plaatsje ligt zo'n 100km ten zuiden van Lima en van daaruit konden we in een keer dwars door de miljoenenstad via de Pan American Sur oversteken naar de Pan American Nort. Ondanks 3 navigatiesystemen zijn we 2 keer verkeerd gestuurd/gereden. Gelukkig kwamen we beide keren toch weer snel op de Pan-am terecht. Nadeel is wel dat je dan telkens opnieuw tol moet betalen! Het verkeer in Lima is een grote heksenketel. Overal links en rechts inhalende auto's, busjes, riksjas, motors en vrachtwagens die afsnijden een sport vinden en vooral heel veel toeteren. Er is nul komma nul respect voor medeweggebruikers en het mooiste is toch wel dat we geen enkele aanrijding hebben gezien.
 
De route ten noorden van Lima was erg eentonig, veelal woestijn met af en toe groene streken. Hier werd veel fruit, groente en suikerriet verbouwd. We zagen honderden vrouwen op hun knieŽn op de aardbeienvelden aardbeien plukken. 1 kilo aardbeien koop je hier voor Ä 0.60!  Asperges telen ze hier ook heel erg veel. Het zijn de Nederlanders die dit product hier zijn gaan telen. de asperges worden in containers naar de USA geŽxporteerd. Na de groene oases kwam je weer in het woestijn gedeelte waar we heel veel kippen- en kalkoenfarms zagen. Niet enkele maar duizenden farms met miljarden kippen en kalkoenen die allemaal onder grote plastic kooien moeten opgroeien onder niet al te vrolijke omstandigheden! Kip is het hoofdbestanddeel van de maaltijd van de Peruaan. Zelfs de kippenvoetjes en de kop worden hier gegeten.

We hebben in Barranca een tussenstop gemaakt om te overnachten en van hieruit wilden we weer de bergen in naar de Cordillera Blanca en de canyon del Pato. Omdat "de King " te hoog is voor veel tunnels moesten we zo ongeveer dezelfde weg weer terug rijden en omdat we vernomen hadden dat het regenseizoen in de bergen al begonnen was hebben we besloten om maar lekker de kust te blijven volgen om daar in de kleine vissersdorpen lekker culinair te genieten van alle verse vis, schelp en schaaldieren.


Vanuit Barranca zijn we naar Tortugas gereden. Dit is een geweldig plaatsje dat aan een mooie baai geligt. Omdat we al langer last hadden van een diesellekkage besloten om deze maar eens eerst te gaan repareren. Het bleek een rubberslang te zijn die op een aansluiting van een koppeling lekte. Een stukje van de slang afgesneden en het probleem was weer verholpen. 's Avonds lekker uit gaan eten en onder het genot van een Cusquena genoten van een mooie zonsondergang. De volgende morgen werden we verrast door een visser die ons een zak Sint Jakobsschelpen kwam aanbieden. Deze schoongemaakt en 's avonds hadden we weer een heerlijk voorgerecht. In de baai lagen zeer veel vissersbootjes die iedere morgen kwamen binnen varen met hun vangst. Telkens werden ze omringt door pelikanen die het afval en de te kleine visjes kregen. Helaas bleven er ook wel eens zeeleeuwen in de netten vast zitten. Op het strand lagen namelijk een vijftal dode zeeleeuwen. Bij navraag werd ons verteld dat deze oud waren en daarom gestorven waren!!!! Wij hebben hier echter duidelijk onze twijfels over.

Vanuit Tortugas zijn we naar Huanchaco gereden waar we hadden afgesproken met een Nederlands stel, Rob en Lucie, die op de fiets in Zuid Amerika rondreizen. Ze hebben onze website gevonden waaruit bleek dat we elkaar al eerder in Iran getroffen hadden in 2005. Huanchaco is een leuk op surfen gericht dorpje vlakbij de stad Trujillo. Eerst hebben we een nacht aan het strand gestaan, maar omdat we de camper wilden achterlaten om naar Trujillo te gaan hebben we ons de ochtend erop verplaatst naar een camping. Op de camping aangekomen begon "de King" te haperen en de motor sloeg af! Deze was ook niet meer aan de praat te krijgen en voor de eerste keer in 150.000 km liet hij ons in de steek! Bezoekje afgezegd en maar eens eerst op zoek gegaan naar de oorzaak van het niet meer willen starten! Duidelijk was direct dat hij geen diesel kreeg. Alle filters en leidingen gecontroleerd, maar deze waren schoon. Met behulp van foto's en WhatsApp contact gezocht met Marcel van de Zanden die ons een eind op weg heeft geholpen in de zoektocht. Helaas durfde Ton zelf niet te veel aan de dieselpomp te sleutelen en daarom maar besloten om er een monteur bij te halen. In het restaurant gevraagd of ze deze eentje kenden en of ze deze konden vragen om even langs te komen. Om 3 uur zou hij komen en toen hebben we ons maar voorbereid op het Peruaanse uurtje. Het Peruaanse uurtje werden meer dan 3 uur , maar uiteindelijk kwamen er toch twee personen aanzetten met een rugzak vol gereedschap en een fietspomp. Ze in ons beste Spaans op de hoogte gebracht van ons probleem en ook verteld wat Ton zelf al allemaal gedaan had zodat ze niet van voor af aan hoefden te beginnen. Aangegeven dat we dachten dat de opvoerpomp van de dieselpomp het probleem zou zijn! Ze draaiden alle moeren van de aansluitingen van de dieselleidingen naar de verstuivers los en toen moesten we even starten. Overal kwam diesel uit dus dat was een goed teken! Alle moeren werden weer vastgedraaid en Chantel mocht weer starten. En jawel hoor; hij startte weer. Ze moesten lachen en wensten ons een goede reis verder. Toen we de rekening vroegen werd er even overlegt en i.v.m. de benzinekosten vroegen ze omgerekend Ä 10,- . Voor dat bedrag kun je nog eens een monteur laten komen! We hebben daarna nog maar een lekker wijntje genomen op de meevaller! We weten echter nog steeds niet wat nu precies de oorzaak is geweest van het feit dat er een tijdelijke stop in de dieseltoevoer is geweest. Wel nog een kleine lekkage gevonden in een retourleiding bij de tank, maar of dat de oorzaak was??? Deze in ieder geval ook gerepareerd. Ook weer een ding geleerd en dat is dat Ton niet zo bang hoeft te zijn om aan de dieselpomp te sleutelen!

Een dag later dan gepland met een collectivo naar Trujillo en Rob en Lucie die we 12 jaar geleden in Oost Turkije en Iran ontmoet hadden een bezoekje gebracht. Zij hebben in Nederland alles verkocht en zijn met de fiets onderweg. Even lekker bijgepraat en allerlei ervaringen uitgewisseld waarna we de stad nog even bezocht hebben. Naast veel mooie gebouwen rondom de Plaza de Armas was er buiten de ontelbare casino's weinig te doen en te beleven in de stad. De Ruines van Chan Chan hebben we ook niet meer bezocht omdat deze door het hevige noodweer van april dit jaar bijna allemaal gereduceerd waren tot een hoopje klei. Met de collectivo weer terug naar Huanchaco waar we ons op een terras in het zonnetje geÔnstalleerd hebben met een heerlijke Cusquena en na zonsondergang ook maar meteen een lekker hapje hebben gegeten.

Langs de boulevard op het strand staan caballitos. Dit zijn van totorariet gemaakte bootjes welke lijken op de paardenkop. (caballitos betekend paardjes). Hiermee wordt nog steeds gevist. De visser zit aan de achterkant op zijn knieŽn en peddelt door de branding de zee op alwaar hij zijn netten uitgooit.

De dag erop verder naar naar Puerto San Jose, een klein vissersdorpje bij Chiclayo. Het hele strand ligt vol met vissersbootjes waarvan sommige al heel lang niet meer gebruikt worden. We horen van de vissers dat door de ernstige wateroverlast afgelopen maart en april het zee water ernstig is vervuild en er daardoor nu niet meer kan worden gevist. We kwamen er op zaterdag aan en hoorden dat op zondag de Censodag was, een dag waarop iedereen thuis moet blijven vanwege een volkstelling. Wij hadden al eerder een bericht van de Nederlandse ambassade gelezen dat wij ons ook niet op de openbare weg mochten begeven, maar dachten dat het van een of andere grappenmaker afkomstig was. We vonden ons plaatsje niet ideaal omdat het er ontzettend hard waaide en we de gehele tijd zand moesten happen en zo ongedurig als we zijn gaan we dus navragen of deze regel ook voor ons geld. Door de bevolking word aangegeven dat het ook voor ons geld en dat niemand zich op de openbare weg mag begeven. Als de officiŽle tellers langs komen wordt door hen aangegeven dat het alleen voor Peruanen geld. Dus inpakken en wegwezen. We komen alleen maar politie tegen en deze laten ons gewoon doorrijden.

We rijden dwars door de Sechura woestijn die op sommige plaatsen erg mooi in bloei staat, verder is het een saaie route. Onderweg zien we veel waterschade van de langdurige regenval van afgelopen maart en april. Complete delen van de autobaan zijn weggespoeld, veel kapot wegdek, afgebrokkelde kanten en weggespoelde bruggen. Omdat we door het binnenland rijden is het ook direct een graad of 15 warmer. Uiteindelijk komen we weer aan de kust en maken in Lobitos een tussenstop. Dit is een olierijk gebied en we zien veel jaknikkers en olieopslagtanks. Via een strandweg en de duinen rijden we naar Cabo Blanco, een fleurig vissersdorpje. Eindelijk weer eens een keer lekker zand onder de wielen wat ons wel bevalt na al het teer van de afgelopen weken! Cabo Blanco is bekend omdat Hemmingway in 1951 hier een paar maanden is geweest. Hij zou hier het boek The old men and the sea hebben geschreven. Hier heeft men ook een 710 kilo zware zwarte merlijn, de grootste vis ooit, met een hengel gevangen. Het gebied is vooral bekend vanwege zijn zwaardvissen. Via El Nuro waar we een nachtje blijven rijden we verder naar Los Organos. El Nuro is bekend  vanwege het zwemmen met zeeschildpadden.
 
In Los Organos hebben we een boottocht gemaakt om walvissen te spotten. Deze leven hier in het noorden van Peru tot voor de kust van Nicaragua. Ze zijn hier van juni tot en met oktober om te paren en te kalven. Begin november zijn ze er niet meer omdat ze dan terug keren naar de wateren in Antarctica. Het zeewater word hier dan te warm en dan zitten er te weinig voedingsstoffen in het water. Het was een mooi tochtje waarin we veel walvissen, veel zeeschildpadden en een grote mantarog hebben gezien. Op de oude booreilanden in zee zagen we nog de blauwvoetgent en een fregatvogel met zijn rode keelzak.


Als culinaire avonturiers is het voor ons hier elke dag feest. Op de centrale markt halen we elke dag verse vis, garnalen of heerlijke ossenhaas. Verse groenten en fruit hebben ze ook in overvloed, waaronder veel tropisch fruit . Na de boottocht hebben we ons nog drie dagen op het strand geparkeerd om van alle lekkers te genieten! Ook zagen we hier nog enkele malen de walvissen langskomen zwemmen. Enkele malen sprongen ze bijna geheel uit het water en dan weet je echt niet wat je meemaakt! Helaas moet je ontzettend veel geluk hebben om dat met de camera vast te leggen! Wat we zagen zie je op de foto hiernaast die niet door ons is gemaakt.
 
Onze laatste bestemming in Peru was camping Swiss Wassi in Zorritos. Deze camping staat bij de overlanders bekend als een zeer mooie camping met erg vriendelijke eigenaars. Het is een ontmoetingsplaats van reizigers die naar Ecuador vertrekken of van Ecuador afkomen. Hier kan men dus de nodige info met elkaar uitwisselen. Op het moment dat wij er waren moesten we weer even taalkundig goed ons best doen. We stonden er met overlanders met maar liefst 7 nationaliteiten. Naar mate de avond vordert en de glaasjes sneller leeg raken spreek je weer vloeiend alle talen! Soms in een mix, maar wel voor iedereen duidelijk! Na in totaal 3 maanden in Peru te zijn geweest is Peru tot nu toe het land waar we het langst geweest zijn. We hebben er geen spijt van en ontzettend genoten van de kleurrijke bevolking met vaak een brede lach op hun gezicht. Dit ondanks dat de armoede groot is in Peru. Tweederde van de mensen is arm en een derde is extreem arm. Daardoor kijk je vaak met andere ogen naar de mensen die je tegen komt. Veel respect voor de vele bejaarden, gehandicapten en jongeren die met werken of een of ander handeltje proberen een centje bij te verdienen voor het gezin. 


  
Powered by CMSimple