Wie zijn wij > Reisverslagen > 2016 - 2017 > Chili

Chili

Na anderhalf uur en 2200 meter dalen kwamen we aan in San Pedro de Atacama op 2500 meter hoogte. In 2015 waren we hier ook al geweest op weg naar ArgentiniŽ en Uruguay om de camper daar weer te stallen. De grensprocedure verliep vlot en zonder problemen. We hadden deze keer netjes aangegeven dat we nog wat fruit en groente hadden. Deze moesten we inleveren en na een controle konden we vertrekken. Op de zelfde parkeerplaats geparkeerd als de vorige keer. Bij een heerlijk temperatuurtje van rond de 23 graden een rondje gewandeld door het kleine hippiedorpje en hier en daar een lekker wietluchtje opgesnoven. De hippieachtige uitstraling is wat dat betreft niet veranderd en alles hier is gericht op excursies naar Bolivia. Het mooie archeologische museum wat we in 2015 nog bezocht hadden was gesloten i.v.m. te weinig bezoekers. Logisch, want hippies hebben wel andere interesses! De Franse bakker deed wel goede zaken en had zijn zaak helemaal verbouwd. Weer heerlijke croissants en olijvenbaguettes gekocht. Na 2 dagen hadden we het er wel weer bekeken en zijn we vertrokken naar Calama. In Calama hadden we een bezoek aan de kopermijn Chuquicamata via internet voor woensdag geboekt.

In Calama aangekomen eerst boodschappen gedaan en daarna naar een camping gereden. De faciliteiten en de prijs voor de camping stonden ons niet aan en dus weer vertrokken. In een hoop stof kunnen we overal parkeren! Naar het bezoekerscentrum van Codelco (de mijncompagnie) gereden om daar te informeren of er misschien niet eerder plaats was voor een excursie naar de mijn. Dat was niet mogelijk maar we mochten wel voor het kantoor parkeren. Van daaruit was het centrum van de stad te voet bereikbaar en zo hebben we nog een paar uurtjes in het centrum rondgeslenterd. Belangrijkste detail van de stad was dat we vonden dat alles over beveiligd was! Je zou er bijna bang van worden!

En ja, zoals ieder jaar word je natuurlijk ook een jaartje ouder onderweg! De verjaardag van Ton begon rustig met een gebakje bij de koffie en enkele cadeautjes. Dan kom je er pas achter waarom de koffer zo zwaar was die je mee moest zeulen! Na nog een kleine wandeling door de stad toch weer even terug naar de camper. Misschien waren er wel afvallers en konden we vandaag nog mee. Er waren inderdaad afmeldingen en zodoende konden we snel de boel in orde maken om met de bus naar de mijn gebracht te worden. Men had ook nog een dresscode waar we niet van op de hoogte waren. We moesten kleding aan met lange mouwen, een veiligheidsvest aan en een rode helm op. Ton had niets meer met lange mouwen bij de hand en heeft toen maar snel een wintervest aangetrokken. Dat was dus even zweetdruppeltjes wegpinken! We werden naar  een platform gebracht waar we uitzicht hadden op en in de mijn. Chuquicamata is de grootste bovengrondse kopermijn ter wereld. Hier werken 11.000 mensen op terrassen in het 5 kilometer lange, 3 kilometer brede en het 1 kilometer diepe gat. Er werken schepradgraafmachines van 50 meter hoog en zij kunnen meer dan 10.000 kilo stenen tegelijk op een vrachtwagen scheppen. Het erts wordt afgevoerd met grote kiepwagens die een lading van 75 tot 100 ton kunnen vervoeren en banden hebben met een diameter van 3 meter, ze zijn 7 meter hoog. Elk uur dat ze werken verbruiken ze meer dan honderd liter brandstof. Buiten koper wordt hier ook ijzer, goud, zilver, radium en zwavel gedolven. Het was een zeer spectaculair gebeuren wat je met enig onbegrip staat te bekijken! De gehele infrastructuur die is aangelegd om het erts met de grote vrachtwagens naar boven te halen is zeer indrukwekkend.

Bij de mijn hoorde tot voor enkele jaren geleden ook een complete stad waar 25.000 mensen woonden. Het is ontruimd omdat de inwoners teveel werden blootgesteld aan luchtverontreiniging vanwege het stof en de koperertsdampen die vrij kwamen tijdens het winnen van het koper uit de erts. In het verlaten dorp kregen we ook een rondrit en het is een echte spookstad die geheel aan het verpauperen is. Men wacht alvorens men over gaat tot restauratie op internationale erkenning zo als cultureel erfgoed van de Unesco. Daarna zal het gehele dorp opengesteld worden voor het publiek. Het kan dus nog wel even duren voor het zover is.

Ons volgende doel was om na 3 weken leven op hoogtes tussen de 3000 en 5000 meter weer eens af te dalen naar zeeniveau. We zijn naar Tocopilla gereden en hebben een leuk plekje midden in de stad met zicht op zee gevonden. Tocopilla is gebouwd op een smal plateau tussen de bergen en de zee. Het heeft een grote haven waar al het salpeter in grote schepen geladen word en zo de wereld over gaat naar een volgende bestemming en een klein vissershaventje. In het vissershaventje lagen de zeeleeuwen te wachten tot er weer wat vis in het water gegooid werd. Een paar keer een flinke wandeling gemaakt want we hadden ineens weer een zeer goede conditie!

Vanuit Tocopilla zijn we via een mooie kustroute naar Iquique gereden. Aan de ene kant de zee en aan de andere kant zeer hoge bergen. In Iquique zijn we een camping opgegaan zodat Ton wat onderhoud aan "De King" kon uitvoeren en Chantel de was kon doen oftewel deze keer kon laten doen! Zo zie je maar weer dat er op vakantie niet veel veranderd. Je hebt werkpaarden en luxe paarden! Op de camping troffen we overlanders, die we onderweg al eerder waren tegengekomen. Er was dus weer het nodige te bespreken!

Vanuit Iquique zijn we naar Humberstone gereden. Humberstone is een verlaten Salpetermijn en nu een Unesco werelderfgoed monument. Het industriegedeelte is gedeeltelijk ontmanteld en het bijbehorende dorp is verlaten. Het was leuk en interessant om door het dorp heen te wandelen en te zien hoe dit tot 1960 in gebruik was. De meeste huisjes waren als museum ingericht en zo kon je bijvoorbeeld zien wat het speelgoed van de kinderen was welke in die tijd hier woonden! Soms herkenbaar vanuit ons zelf maar soms ook herkenbaar vanuit recente ervaringen uit Afrika! Verder natuurlijk veel huisraad uit die tijd en het industriŽle erfgoed wat erg interessant was.

Na het bezoek zijn we doorgereden naar Pisagua. Pisagua is een klein havenstadje wat beschut ligt tussen een paar hoge bergen van 1500 meter. Het was een hele klus om er met "de King" te komen Met een daling en stijgingspercentage van gemiddeld 12% moest de lage gearing er enkele malen aan te pas komen! Het stadje zou erg mooi moeten zijn maar was het niet! Veel huizen waren geheel of gedeeltelijk vernield!  Nadat we gevraagd hadden of dit door een Tsunami was gebeurd werd ons duidelijk gemaakt dat een orkaan de meeste huizen vernield had. We konden aan de boulevard parkeren en stonden zo prachtig geparkeerd met aan de ene kant uitzicht op zee en aan de andere kant uitzicht op de bergen! De volgende ochtend nog een keer rondgewandeld en besloten om toch maar weer verder te gaan richting Arica.

Arica is de grensstad van Chili met Peru en ligt 19 kilometer van de Peruaanse grens. Alvorens we daar aan kwamen moesten we eerst nog 4 maal door een diepe rivierkloof (Quebrada) en dat betekende telkens 1200 meter dalen en aan de andere kant weer 1200 meter stijgen. De omgeving en de uitzichten waren spectaculair. De reisduur was echter aanzienlijk langer dan we van te voren hadden ingeschat.

Op de camping aangekomen bleken daar Gianni en Genievieve te staan en niet veel later kwam ook Gerry er aan. Het was dus weer een kleine reŁnie.  Gianni komt uit Rome, Genevieve uit Brussel en Gerry uit Achen. Arica is een zeer drukke levendige grensstad. Dit komt omdat de Bolivianen gebruik mogen maken van de haven in Arica. Bolivia ligt niet aan zee en heeft geen eigen haven. Verder zijn er natuurlijk ook veel Peruanen aanwezig met hun handel! 

We hebben Arica op de motor verkend.  Eerst zijn we naar het centrum gereden waar we een stadswandeling hebben gemaakt. De volgende dag naar de Azapa vallei waar een archeologisch museum is waar de oudste mummies ter wereld te zien zijn( 7000 jaar oud ). Niet veel verder was een kolibrie tuin. Dit was een tuin met zeer veel mooie tropische planten en bloemen. Helaas waren er niet veel kolibries omdat deze in dit seizoen elders aan het broeden waren en pas rond maart terug kwamen.  Verder zijn we nog naar de grotten gereden die 10 kilometer ten zuiden van Arica aan de kust liggen. De natuur was er prachtig en er zouden ook erg veel vogels zitten die we echter niet hebben kunnen vinden. We denken dat ze ook elders ergens aan het broeden waren! Ze zijn er echter wel regelmatig geweest want de witte stront liep van de bergen af. Deze stront is erg vruchtbaar en word vaak gebruikt voor bemesting.
 
Vlakbij de camping was een soort delta en daar zaten duizenden meeuwen,diverse soorten eenden en pelikanen in het water en op het stand. Het zijn er zo veel dat er regelmatig wel enkelen sterven gezien het grote aantal gieren dat op een prooi zat te wachten! Zelfs op een klein kerkhofje waar baby's lagen begraven zaten de gieren regelmatig in de aarde te pikken. We vonden het zo luguber dat we maar besloten hadden er geen foto van te maken en door te rijden. Achteraf heb ik er wel een beetje spijt van!
 
In 2015 zijn we heel Chili doorgereisd tot aan Antofagasto. Nu hebben we nog even het noordelijkste deel van Chili bekeken. Een geheel ander Chili; veel armer ondanks alle mijnbouw en heel veel woestijn!  We zijn klaar om naar een voor ons nieuw land te gaan; Peru!
   


  
Powered by CMSimple